Bartok Béla 1881-1945

In het Hongaars wordt de achternaam eerst genoemd. Voluit: Bartók Béla Viktor János. Vrijwel altijd stuit je op het zelfde indringende portret van de componist: Bartók kijkt je met grote donkere ogen aan. Hij heeft een hoog voorhoofd, is al een beetje kalend en zijn gezicht heeft een krans van dun spierwit haar.

Ik vond in Het groot biografisch muziek naslagboek een andere foto: Béla Bartók in 1937 bij de wereldpremière in Bazel van zijn muziek voor snaarinstrumenten, slagwerk en celesta. Hij staat met afgewend gezicht, keurig in pak, in een kamer met een modern chroom designmeubel, in z’n linker hand een glas rode wijn. In The Larousse encyclopedia of music lees ik dat hij een kleine slanke man is. Een energieke man die een ietwat nerveuze indruk maakt en je het idee geeft dat hij voortdurend onder spanning staat. Hij heeft een trots, zelfs hooghartig karakter.

Béla Bartók wordt in 1881 als zoon van de directeur van de landbouwschool op het platteland in het zuiden van Hongarije geboren. De naam van het plaatsje is Nagyszentmiklós. Tegenwoordig is de naam Sinnicolaul Mare en ligt het in Roemenië. Het is een mooi gebied, de foto op internet lijkt zo uit een vakantiefolder geplukt.

Béla Bartók wordt als een van de grootste componisten van de twintigste eeuw gezien. Zijn leven was niet gemakkelijk. Een oud liedje; hij heeft tijdens zijn leven niet die erkenning gekregen die hij verdiende.

Als hij zes jaar is krijgt hij van z’n moeder zijn eerste pianolessen. Aan het conservatorium van Boedapest gaat hij piano en compositie studeren. Aan hetzelfde conservatorium zal hij later van 1907 tot 1935 als leraar piano verbonden zijn. Zijn leven als componist laat zich in vier belangrijke perioden verdelen.

1890-1902 Jeugdjaren; laatromantische stijl.
Hij wordt een uitmuntend pianist. Als componist staat hij aanvankelijk sterk onder invloed van Richard Strauss en Liszt. Aanvankelijk schrijft hij niet veel, maar nadat hij Also sprach Zarathustra had gehoord, begint hij serieus te componeren. De Kossuthsymfonie dateert uit deze periode.

1903-1911 Nieuwe invloeden.
Hij krijgt steeds meer belangstelling voor volksmuziek. Met zijn vriend Zoltán Kodály onderzoekt hij de Oost-Europese volksmuziek. Er wordt zelfs gebruik gemaakt van opnameapparatuur.

1916-1921 Nieuwe inspiratie en experimenteren.
De stijl van Bartók begint zich nu te ontplooien. Hij is van mening dat de folklore, met zijn aansprekende melodiek en pregnante ritmiek, hét ideale uitgangspunt is voor de muzikale vernieuwing. In 1911 verschijnt zijn pianostuk Allegro Barbaro. De titel alleen al geeft blijk van een reactie op de maniëristisch geworden ‘mooie’ muziek, die de aanhangers van de Romantiek en het Impressionisme voortbrachten.

Met zijn vriend Kodály verzamelt hij meer dan 7000 volksliederen. Vóór die tijd werd onder volksmuziek van Hongarije voornamelijk zigeunermuziek verstaan. Tijdens hun tochten door de Oosteuropese landen worden wel 16.000 opnamen gemaakt. Béla Bartók wordt een van de grondleggers van de etnomusicologie.

1926-1945 Rijpe periode.
Het jaar 1926 wordt een opvallend productief en gelukkig jaar na een periode waarin hij weinig componeerde. Was er een nieuwe liefde in zijn leven?

Op mijn speurtocht naar het persoonlijk leven van de componist vond ik de naam van zijn vrouw: Ditta Pásztory. Het vierde deel van de pianosuite In de open lucht is aan Ditta opgedragen. De naam van dit vierde deel is: Muziek van de nacht. Je kunt het op internet via Wikipedia beluisteren. Het moet een vrolijke nacht geweest zijn; imitatie van geluiden in een Hongaarse zomernacht. Vogels, cicaden en de roodbuikvuurpad komen voorbij. De laatste kwaakt voor het laatst in maat 70 en springt er dan vandoor …

Het derde en vierde van Bartóks beroemde zes strijkkwartetten, die tot zijn meesterwerken behoren, zijn aan het eind van de twintiger jaren geschreven en het meest experimenteel. De componist maakt daarin veel gebruik van glissando-, staccato- en pizzicato effecten. Men spreekt tegenwoordig van een zogenaamd bartokpizzicato. Hier volgt de definitie: Een bartokpizzicato is een zodanig uitgevoerde pizzicato, dat de snaar tegen de hals van het snaarinstrument klapt en daarmee tegelijk met de toon een duidelijke tik ten gehore brengt. Vanaf 1933 wordt zijn werk als entartet beschouwd en uitvoeringen van zijn muziek worden verboden. De politieke ontwikkelingen die Hongarije onverbiddelijk in de armen van Hitler dreven, dwongen Bartók in 1940 naar Amerika te gaan.

Hij hoopte daar meer succes te hebben, maar vond in plaats daarvan armoede. Hij had grote moeite om in zijn levensonderhoud te voorzien. Toch ontstond in Amerika één van zijn populairste werken: het Concert voor orkest. In opdracht van Yehudi Menuhin ontstond in 1944 de Sonate voor soloviool. Na de bevrijding van Hongarije in 1945 kreeg hij een uitnodiging om zijn geboorteland te bezoeken. Bartók leed aan leukemie en stierf voordat hij de reis kon aanvaarden.

Zijn derde pianoconcert en het laatste altvioolconcert werden door zijn leerling Tibor Serly voltooid.

De muziek van Bartók werd tijdens zijn leven slechts in kleine kring gewaardeerd. Het grote publiek was er niet dol op: te atonaal en te veel dissonanten. Yehudi Menuhin heeft altijd de vioolwerken gepromoot. In 1988 werden de stoffelijke resten van Béla Bartók bijgezet op het Farkasreti kerkhof te Boedapest.

Letta Frederiks